Jaarrekening

Belangrijke afwijkingen per programma ten opzichte van de begroting

Bedragen x € 1.000

Belangrijkste afwijkingen per programma ten opzicht van de begroting

Verschil

1. bestuur en organisatie

Bestuur

92

v

Dienstverlening en communicatie

120

v

Overige verschillen

-21

n

Totaal 1. Bestuur en organisatie

191

v

2. Ruimte

Wonen

-504

n

Openbare ruimte

470

v

Grondbedrijf

3.197

v

Overige verschillen

-7

n

Totaal 2. Ruimte

3.156

v

3. Economie

Overige verschillen

-113

n

Totaal 3. Ruimte

-113

n

4. Leefbaarheid en onderwijs

Sociale zaken en maatschappelijke ondersteuning

40

v

Voorzieningen

530

v

Onderwijs

346

v

Totaal 4. Leefbaarheid en onderwijs

916

v

5. Sociaal domein

Samenleving

337

v

Maatwerkvoorzieningen (WMO)

524

v

Maatwerkvoorzieningen (Jeugd)

-2.394

n

Inkomensregeling en participatie

-809

n

Conflictzorg

-256

n

Overige verschillen

65

v

Totaal 5. Sociaal domein

-2.533

n

Financiën, algemene dekkingsmiddelen en overhead

Algemene uitkering

5.690

v

Treasury

256

v

Algemene baten en lasten en toeristenbelasting

1.985

v

Overhead

-834

n

Overige verschillen

45

v

Saldo mutaties en ontrekkingen reserve

1.275

v

Totaal Financiën, algemene dekkingsmiddelen en overhead

8.417

v

Afronding

1

Totaal afwijkingen

10.035

v

Programma 1. Bestuur en Organisatie

Wethouderspensioenen (€ 92.000 voordeel)
Door een vrijval voorziening wethouderspensioenen zien we een voordeel van € 92.000. Deze vrijval wordt veroorzaakt doordat oud-wethouders meer inkomsten hebben vergeleken dan begroot. Deze inkomsten worden in mindering gebracht op de wachtgelden en dus kan de voorziening verlaagd worden.

Dienstverlening en communicatie (€ 120.000 voordeel)
Leges burgerzaken
In 2022 zijn het aantal huwelijken en partnerschappen voor het eerst in jaren fors gestegen. Deze trend zet zich in 2023 door. De stijging van het aantal huwelijken en partnerschappen zou een gevolg kunnen zijn van huwelijken en partnerschappen die door de coronamaatregelen zijn uitgesteld. Daarnaast zijn in 2023 meer aanvragen geweest voor rijbewijzen dan in eerste instantie verwacht en door het RDW was ingeschat. In totaliteit zien we een voordeel van € 88.000 door de hogere inkomsten van deze leges.

Persoonsregistratie (BRP)
Doordat de voorraad materialen, formulieren, etc. voor de persoonsregistratie voldoende op peil waren zijn er in 2023 minder bestellingen geplaatst. Dit heeft geleid tot een voordeel van € 32.000.

Overige verschillen programma 1 € 21.000 voordelig
Overige verschillen programma 1 € 21.000 voordelig bestaat uit kleinere mee- en tegenvallers

Programma 2. Ruimte

Toelichting 2.1 Wonen (saldo nadeel € 504.000)
Vastgoedbeheer, onderdeel Electra (€ 418.000 nadelig)
Als gevolg van de energiecrisis is de benodigde energie fors duurder ingekocht als voorgaande jaren. Ook zijn de vaste kosten en energiebelasting tarieven gestegen.    
Door wijzigingen in de energiecontracten is er geen overeenkomst meer met DVEP.
Vanwege grote achterstanden in facturatie en de financiële positie van DVEP is op advies van OVEF gestaakt met de betalingen van opstaande facturen totdat afrekeningen binnen zijn en DVEP een juiste afhandeling garandeert.

Toelichting 2.2 openbare ruimte (saldo voordeel € 470.000)

2.2.4 Begraafplaatsen (€ 265.000 nadelig)
Dit is veroorzaakt door:

  • inzet van extra tijdelijk personeel (onder andere via Empatec);  
  • Opruimen van stormschade veroorzaakt door Poly;
  • Kosten onderzoek en aanpassing drainage. In 2022 is via de voorjaarsrapportage € 100.000 beschikbaar gesteld voor dit doel. Per abuis is dit budget niet overgeheveld naar 2023;
  • Extra maaikosten;  
  • Kosten inventaris begraafplaats Westermeer.

2.2.5 Vaarwegen (€ 168.000 voordelig)
Dit is veroorzaakt door:

  • Op oevers en beschoeiingen vaarwegen is een voordeel ontstaan van € 68.000 op kapitaallasten door uitgestelde investeringen vanuit het jaarplan.
  • Voordeel behaald op inkomsten afbouwsteiger scheepswerf lemmer; voordelig € 50.000.
  • Het saldo van de overige kleinere afwijkingen bedraagt € 50.000 voordelig.

2.2.6 Riolering/sted.waterbeheer (€ 531.000 voordelig)
Er is een voordeel van € 531.000, waarvan € 325.000 dat verband houdt met nog niet uitgevoerde rioleringswerken. Daarnaast hebben we een voordeel op gerealiseerd op de post begrote BTW. De voordelen worden verrekend met de voorziening.

2.2.7 Afval (€ 138.000 voordelig)
Meerdere effecten leiden tot een incidenteel voordeel op de gehele afvalinzameling;

  • De afvalstoffenheffing laat een meeropbrengst zien van € 149.000.
  • Daarnaast is het resultaat positief beïnvloed door de hogere marktprijzen voor metalen, textiel en hout. Samen levert dit een incidenteel voordeel op van € 643.000
  • Het voordeel op product afval is door middel van een extra gestort in de egalisatievoorzieining egalisatieafvalstoffenheffing voor een bedrag € 563.000
  • Het saldo van de overige kleinere afwijkingen bedraagt € 91.000 nadelig.

2.2.8 Milieu (€ 108.000 nadelig)
Het nadelig saldo is ontstaan doordat er een aanvullende deelnemersbijdrage is betaald. De basistaken en de plustaken worden afgerekend op basis van werkelijke inzet vanuit de FUMO. Doordat de werkelijke inzet hoger is geweest ten opzichte van de begrote inzet is er sprake van een overschrijding.

Toelichting 2.3 Grondbedrijf (saldo voordeel € 3.197.000)
Het financiële resultaat van de grondexploitaties over het jaar 2023 is afgerond € 3,2 miljoen hoger dan bij de najaarsrapportage was voorzien. Zie voor een uitgebreide toelichting het beleidsmatige deel in hoofdstuk 2.3 Grondbedrijf en de paragraaf grondbeleid.

Overige verschillen programma 2 € 7.000 nadelig
Overige verschillen programma 2 € 7.000 nadelig bestaat uit kleinere mee- en tegenvallers

Programma 3. Economie
Overige verschillen programma 3 € 113.000 nadelig
Overige verschillen programma 3 € 113.000 voordelig bestaat uit kleinere mee- en tegenvallers.

Programma 4. Leefbaarheid en Onderwijs

Sociale zaken en maatschappelijke ondersteuning (voordeel € 40.000)
Leerlingenvervoer (€ 40.000 voordeel )
Het saldo in deze productgroep is opgebouwd uit geringe voor- en nadelen van afgerond € 40.000 voordelig.

Voorzieningen (voordeel € 530.000)
Sport (€ 270.000 voordelig)
Het voordeel is ontstaan doordat er € 230.000 is bekostigd door de SPUK BREED; onderdeel Brede Regeling Combinatiefuncties. Daarnaast heeft er een correctie, door het rijk, van BTW compensatie sport plaats gevonden over het jaar 2021.

Sportvelden (€ 94.000 voordelig)
Het voordeel is ontstaan doordat de realisatie van de sportvelden bij sportpark SV Donia niet in 2023 is gestart.
Daarnaast is er sprake van geringe mee en tegenvallers van € 166.000 voordelig.

Onderwijs (voordeel € 346.000)
Basis- en voortgezet onderwijs
In dit budget zit ruimte voor afschrijving- en rentelasten uit investeringen in relatie tot het IHP (Integraal HuisvestingsPlan onderwijshuisvesting). Het voordeel is ontstaan doordat de realisatie van een aantal scholen zijn vertraagd.

Programma 5. Sociaal Domein

Toelichting 5.1 Samenleving (saldo voordeel € 337.000)

5.1.1 Inwonersinitiatieven (€ 105.000 voordelig)
Het budget Subsidies inwoners is in 2023 niet volledig verbruikt. Hierbij valt op dat het aantal aanvragen voor de Meidwaan regeling (structurele subsidies) groeit, terwijl de incidentele inwonersinitiatieven achterblijven. Om de inwonersinitiatieven onder de aandacht te brengen en te stimuleren dat er meer gebruik wordt gemaakt van de subsidieregeling, is de gemeente medio 2023 samen met Sociaal Werk De Kear aan de slag gegaan om een stappenplan te ontwikkelen, zodat inwoners inzicht krijgen in: ‘wat’ mogelijk is; ‘hoe’ zij dit kunnen doen; en bij ‘wie’ zij terecht kunnen. Dit moet ertoe leiden dat meer inwoners hun weg vinden naar een inwonersinitiatief.

Binnen de regeling Subsidies inwoners valt ook het onderdeel Cofinanciering sociaal en/of duurzame projecten, dat bestemd is voor cofinanciering van inwonersinitiatieven die niet passen binnen bestaand gemeentelijk financierings- of subsidiebeleid. Van dit onderdeel is nog geen gebruik gemaakt, omdat er nog aanpassingen aan de subsidieregeling volgen, die voor dit jaar op de planning staan.  

5.1.2 Basisvoorziening (€ 232.000 voordelig)
Het voordeel op de basisvoorziening is grotendeels ontstaan doordat de beleidsonderwerpen Welzijn op recept en mantelzorg zijn bekostigd vanuit de SPUK BREED. Het overige saldo in deze productgroep is opgebouwd uit geringe voor- en nadelen.

Toelichting 5.2 Maatwerkvoorzieningen (saldo nadeel € 1.870.000)

5.2.1 WMO Maatwerkvoorzieningen (€ 524.000 voordelig)

Wmo voorzieningen (rolstoel-, woon- en vervoersvoorzieningen)
Door een toename van het aantal toegekende woningaanpassingen en vervoersvoorzieningen zijn de uitgaven gestegen (ook t.o.v. 2022). Bovendien zijn de kostprijzen voor hulpmiddelen gestegen door inflatie en materiaalkosten. Daarnaast vond een nabetaling bij het collectief vervoer plaats, omdat de facturen van de vervoerder niet op orde waren.

Hulp bij het huishouden
Ten opzichte van 2022 zijn de kosten gestegen met € 200.000. Deze toename is toe te schrijven aan het abonnementstarief, de dubbele vergrijzing (toename aantal ouderen en hogere gemiddelde leeftijd) en indexering van de tarieven voor het leveren van de zorg. Ook kiezen inwoners minder vaak voor een pgb, zodat het aantal cliënten voor zorg in natura daarmee ook toeneemt.
Dagbesteding
De uitgaven zijn licht gedaald ten opzichte van 2022. Daarbij moet opgemerkt dat de kosten vervoer naar/van de dagbesteding vorig jaar nog in het budget dagbesteding zat. Deze is overgeheveld naar het budget Wmo overige maatwerkarrangementen.

Begeleiding
Ondanks de lichte toename van het aantal cliënten en geïndiceerde maatwerkvoorzieningen en de hogere tarieven zijn de gemiddelde kosten gedaald. De afname kan deels worden verklaard doordat aanbieders minder hebben kunnen declareren. Door krapte op de arbeidsmarkt kon niet altijd de zorg worden geboden en werden indicaties niet volledig verzilverd. De meer cliëntgerichte benadering en het sturen op resultaten kunnen het financieel resultaat ook positief hebben beïnvloed, maar het is nog te vroeg om deze conclusie te trekken. In 2024 gaan we dit met de aanbieders evalueren.

Overige maatwerkarrangementen
Deze begrotingspost staat in relatie tot de andere maatwerkvoorzieningen. De onderlinge budgetten kunnen op productniveau binnen de hoofdgroep maatwerkvoorzieningen worden bijgesteld. De uitgaven zijn zeer divers. Ook maatwerkvoorzieningen die niet via de subadministratie (de Suite) kunnen worden verwerkt vallen onder deze begrotingspost, zoals de vangnetvoorziening in Balk of opslag van materialen (woonvoorzieningen).

Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang
Er is ook dit jaar een meevaller bij Beschermd Wonen. Dit komt door de inzet van een provinciaal expertiseteam, verschuiving naar ambulante (lokale) ondersteuning, meer middelen vanuit het Rijk en overgang van cliënten naar de Wet langdurige zorg (Wlz). Deze meevaller draagt sterk bij aan het gerealiseerde, incidentele, voordeel op de Wmo maatwerkvoorzieningen.

PGB Hulp bij het huishouden
Het aantal pgb’s voor hulp bij het huishouden is sterk afgenomen. Men kiest vaker voor zorg in natura. De onderlinge budgetten kunnen verder op elkaar worden afgestemd.

PGB Begeleiding
Het aantal budgetten is iets afgenomen. De uitgaven nemen ook iets af ten opzichte van 2022. Enerzijds is het een open-einde-regeling (net als de andere maatwerkvoorzieningen), anderzijds kiest men vaker voor zorg in natura.

5.2.2 Jeugd Maatwerkvoorzieningen (€ 2.394.000 nadelig)

Jeugd Maatwerkvoorzieningen
We hebben dit jaar in totaliteit ruim 4 miljoen meer uitgegeven aan jeugdhulp dan in eerste instantie begroot. Hiervan is in najaarsrapportage 1,7 miljoen al verantwoord. De stijging in de uitgaven hebben verschillende oorzaken.
We zien:

  • een toename van 15% in het aantal jeugdhulp trajecten ten opzichte van voorgaande jaren. Kinderen hebben meerdere jeugdhulptrajecten nodig om de zorgvraag te beantwoorden
  • na jaren van een daling van het aantal kinderen met jeugdhulp zien we in 2023 een stijging met 2,5%
  • een toename in intensievere en daarmee duurdere trajecten
    Deze toename wordt deels verklaard door:
    1. de steeds groter worden complexiteit van de hulpvraag van de kinderen, en
    2. de keuze van de aanbieder voor duurdere trajecten omdat zij door de gemeenten niet volledig gecompenseerd worden in hun kosten. Zo hebben de jeugdhulpaanbieders te maken met een loonstijging van ruim 9%.
  • een toenemend aantal kinderen met een zeer complexe zorgvraag en daarmee dure zorgtrajecten.

Toelichting 5.3 Inkomensregelingen en participatie (saldo nadeel € 809.000)

5.3.1 en 5.3.2 Gecombineerde toelichting van Inkomensregeling en inkomensvoorzieningen zelfstandigen. (€ 392.000 voordelig)
Het aantal inwoners dat recht heeft op een uitkering blijft op een laag niveau. Dekking vindt plaats op basis van het BUIG-budget. Dat is een gebundelde uitkering van het rijk voor de bekostiging van uitkeringen op grond van de Participatiewet, de IOAW, de IOAZ en BBZ. Het Rijk houdt bij het vaststellen van het BUIG budget rekening met veel verschillende parameters. Een belangrijke parameter is het aantal bijstandsuitkeringen in historisch perspectief. Naast de bijstandsuitkeringen is ook deel van het budget beschikbaar voor de loonkostensubsidies. Ook dit wordt toegekend op basis van historisch perspectief en dit is gunstig voor onze gemeente, aangezien wij in verhouding meer inwoners met loonkostensubsidie aan het werk hebben.

We zien in de cijfers dat er op een aantal posten te laag is begroot. Dit zien we terug bij de loonkostensubsidie en bij de BBZ. We zien een grote onderschrijding bij uitkeringen en per saldo heft dat het tekort bij de loonkostensubsidie, BBZ en ander posten weer op. Alle posten zijn opgenomen in de BUIG gelden.

Per 1 januari 2023 kregen 595 inwoners een bijstandsuitkering en 36 inwoners een IOAW-uitkering. Op 31 december 2023 kregen 625 inwoners een bijstandsuitkering en 27 inwoners een IOAW-uitkering. Wij zien een lichte stijging van het aantal uitkeringen. Het aantal inwoners met loonkostensubsidies is met 104 stabiel gebleven.

5.3.3 Re-integratie (€ 453.000 voordelig)
Vanuit centrumgemeente Leeuwarden is een ESF (Europees Sociaal Fonds)-subsidie ontvangen, genaamd ESF REACT-EU 2020-2022. Deze subsidie hebben wij ontvangen voor onze bestaande uitvoering van re-integratie. De subsidie ontvangen we altijd achteraf, nadat alle deelnemende gemeenten in Friesland hebben voldaan aan de voorwaarden.

5.3.4 Inburgering (€ 78.000 voordelig)
Het saldo in deze productgroep is opgebouwd uit geringe voor- en nadelen van afgerond € 78.000 nadelig.

5.3.5 Sociale werkvoorziening (€ 83.000 nadelig)
Het saldo in deze productgroep is opgebouwd uit geringe voor- en nadelen van afgerond € 83.000 nadelig.

5.3.6 Bijzondere bijstand (€ 1.729.000 nadelig)
Het Rijk heeft in de decembercirculaire voor de energietoeslag 2023 aanvullende middelen beschikbaar gesteld (€ 2.100.000). De raad heeft op 28 februari 2024 de uitwerking van de decembercirculaire 2023 vastgesteld.

De inkomsten voor de energietoeslag zijn binnengekomen op programma 9, in de algemene uitkering. Hier zien we dan ook een voordeel dat gedeeltelijk is ontstaan door deze middelen. De uitgaven van de energietoeslag vallen in programma 5, waardoor hier een overschrijding ontstaat. Per saldo zien we dat de inkomsten in programma 9 en uitgaven in programma 5 gelijk aan elkaar lopen en hier dus geen nadeel in totaliteit ontstaat.

Armoedebestrijding en bijzondere bijstand
Het aantal inwoners dat gebruik maakte van de AV Frieso daalde ten opzichte van 2022. Hierdoor daalden de uitgaven ook. Met een tweede collectieve ziektekostenverzekering zal het aantal de komende jaren weer stijgen is onze verwachting. In 2023 hebben 336 volwassenen gebruikgemaakt van de minimaregeling. Dit aantal is veel lager dan in 2022. In dat jaar hadden ruim 500 inwoners een minimabijdrage ontvangen. Mogelijk heeft de uitkering van de energietoeslag van € 1.300 invloed gehad op het aantal reguliere aanvragen in 2023.  

Energietoeslag 2023
Bekend was dat de huidige regeling zou doorlopen in het daaropvolgend jaar. Het voordeel van 2022, bedrag van € 468.000, is door middel van resultaatbestemming meegenomen naar 2023.
In totaliteit is er aan de energietoeslag 2023 uitbetaald € 2.529.500, waarvan € 928.500 als voorschotbetaling in december 2022.

Aangezien de huidige regeling voor 2023 doorloopt tot 1 juni 2024 nemen we het bedrag van 100.000, het verschil tussen de circulaire en de overschrijding, nemen we dit voordeel mee in de resultaatbestemming.

5.3.7 Schuldhulpverlening (€ 80.000 voordelig)
Het saldo in deze productgroep is opgebouwd uit geringe voor- en nadelen van afgerond € 80.000 voordelig.

Toelichting 5.4 Conflictzorg (saldo nadeel € 256.000)
Over 2023 is er sprake van een overschrijding van €256.000 op het onderdeel conflictzorg. Het betreft met name de onderdelen die uitgevoerd wordt door de Gecertificeerde Instellingen. Het gaat hierbij om de uitvoering van ondertoezichtstellingen en jeugdreclassering. De overschrijding wordt veroorzaakt door twee factoren:

  1. De invoering van een landelijk tarief. Op basis van onderzoek, mede in opdracht van de VNG, is in 2023 vastgesteld dat de tarieven die gemeenten aan de Gecertificeerde Instellingen betaalden voor de uitvoering van hun werkzaamheden te laag waren. Dit was mede het gevolg van landelijk vastgestelde kwaliteitseisen en landelijke afspraken over het terugdringen van de werkdruk. Dit gold ook voor de Jeugdzorg regio Friesland en heeft geleid tot hogere tarieven en daarmee hogere kosten voor de gemeente.
  2. Naast een hoger tarief hebben we te maken met een stijgend aantal ondertoezichtstellingen en een toename in het aantal jeugdreclasseringstrajecten. Dit betekent een hogere inzet van de Gecertificeerde Instelling.

Toelichting 5.5 Gezondheidszorg (saldo voordeel € 91.000)
Het saldo in deze productgroep is opgebouwd uit geringe voor- en nadelen van afgerond € 91.000 voordelig.

Toelichting 5.6 Sociaal domein algemeen (saldo voordeel € 14.000)
Het saldo in deze productgroep is opgebouwd uit geringe voor- en nadelen van afgerond € 14.000 voordelig.

Financiën, algemene dekkingsmiddelen en overhead

Uitkering gemeentefonds (€ 5.690.000 voordeel)
De raad heeft op 28 februari 2024 de uitwerking van de decembercirculaire 2023 vastgesteld (€ 2.363.000 voordeel). De begroting 2023 kon niet in 2023 gewijzigd worden, waardoor het een voordeel op de exploitatie is.  In deze circulaire werd onder andere de tegemoetkoming voor de energietoeslag 2023 ontvangen. Daarnaast is de inkomst voor de energietoeslag 2023 die al ontvangen is in 2022, geraamd op de algemene uitkering (€ 1.046.000). De inkomsten voor de energietoeslag zijn hier geraamd, de uitgaven vallen in programma 5 waardoor hier een voordeel ontstaat. Daarnaast hebben we via de algemene uitkering de vergoeding (SISA regeling) voor de opvang van Oekraïners ontvangen. De uitgaven worden verantwoord op programma 1.

Treasury (€ 256.000 voordeel)
In de najaarsrapportage is aangegeven dat we in 2023 te maken hadden met een financieringsoverschot. De langlopende lening van € 8.000.000 die in 2023 verviel hebben we niet hoeven verlengen. Samen met de gestegen rente heeft dit een rentevoordeel opgeleverd van € 260.000 boven het reeds genoemde voordeel in de najaarsrapportage.

Algemene baten en lasten (€1.704.000 voordeel)
Het voordeel van € 1.704.000 op het onderdeel algemene baten en lasten is opgebouwd uit mee- en tegenvallers. De grootste de vrijval van het gereserveerde voordeel op de SISA-regeling Oekraïne 2022 (€ 1.846.000). Het resterende deel van € 142.000 nadelig is opgebouwd uit kleinere mee- en tegenvallers.

Baten toeristenbelasting (€282.000 voordeel)
Het voordeel van € 282.000 komt door hogere inkomsten vanuit toeristenbelasting. De meeropbrengst toeristenbelasting kan worden toegerekend aan een hogere bezettingsgraad in de toeristische accommodaties en de bezetting toename buiten het hoogseizoen. Daarnaast wordt een klein deel van de toename veroorzaakt uit inkomsten gemeentelijke havens.

Overhead (€ 834.000 nadeel)
Overhead personeel (€ 689.000 nadelig)
Het nadeel op overhead personeel bedraagt € 689.000. Door de krappe arbeidsmarkt moeilijk om direct formatie vast in te vullen, waardoor tijdelijke (in verhouding duurdere) invulling nodig is.

Tractiemiddelen (€ 213.000 voordelig)
Wegens het uitstellen en latere leveringen van investeringen is hier een voordeel op de kapitaallasten.

Personeel en organisatie (€ 553.000 nadelig)
Het nadeel op personeel en organisatie wordt grotendeels verklaart door de dotatie aan de voorziening verlofsparen (€ 657.000). Andere kleine voordelen leiden tot een voordeel van € 103.000 wat het totale nadeel op personeel en organisatie € 553.000 maakt.

Overige organisatiekosten (€ 562.000 voordelig)
We zien hier een voordeel op het opleidingsbudget (€ 160.000). Daarnaast is hier een voordeel op eenmalige budgetten, die dit jaar niet uitgegeven zijn. Dit zorgt voor een voordeel op de exploitatie, en worden de budgetten overgeheveld naar 2024.

Huisvesting (€ 292.000 nadelig)
Door hogere gas- en elektrakosten en onderhoudskosten van de gemeentewerfen is een overschrijding op het budget.

Deze pagina is gebouwd op 05/30/2024 11:11:56 met de export van 05/30/2024 10:57:01